Philips is geen Kraftwerk meer

Philips

Blauw was ie. Mijn eerste platenspeler die ik voor mijn negende of tiende verjaardag kreeg. Met ingebouwde luidspreker. Mono. Wat was ik daar blij mee. Van mijn eerste zakgeld kocht ik singeltjes die niet meer in de Top 40 stonden. Die waren goedkoper. En ik kreeg van een oom de Autobahn-lp van Kraftwerk, op het Philipslabel uitgebracht. Ik draaide ze allemaal grijs op mijn Philipsblauwe wonder der techniek.

Natuurlijk was het een Philips. Alles bij ons in huis was van Philips en zo niet dan toch. Gekocht in de personeelswinkel. Daar kreeg je minimaal 30% korting op de adviesprijs. Moest je wel een personeelskaart hebben. Volgens mij was dat toen een kartonnen kaartje waar je aankopen met een pen op werden bijgeschreven. En uiteraard had mijn vader zo’n kaart. Hij zou bijna 45 jaar voor de N.V. werken. Met plezier en trots.

Alles in de omgeving waarin ik opgroeide ademde Philips. De buurman werkte er, de buurman van de buurman ook. De meeste vrienden van mijn vader waren collega’s of ex-collega’s. Elke twee weken plofte de Philipskoerier op de mat. Op elk apparaat in huis stond Philips. In de zomer was er een soort doeland, volgens mij heette het wonderland, in het Philips Ontspannings Centrum. We  gingen geregeld naar het Evoluon, een Philips techniekmuseum. Later toen ik studeerde kreeg ik een bijdrage van het Philips-Van der Willigenfonds en ik kom al ruim 35 jaar in het Philips Stadion.

‘Op een tv staat Philips’ was een gevleugelde uitspraak van mijn vader. En ondanks dat hijzelf een saloncommunist was moest je niet aan Frits Philips komen. ‘Dè is unne goeie!’

Het hoogtepunt in mijn Philipsbeleving vond plaats in mijn puberjaren. Krantenwijken lopen en als je dan een paar honderd gulden had naar de Personeelswinkel in Eindhoven (waar nu het TAC zit) fietsen, in de kneuzenhoek die felbegeerde digitale tuner of versterker kopen en hem dan thuis installeren bij de rest van je apparatuur. Slechts mijn cassettedeck was van een ander merk, altijd een schandvlek geweest eigenlijk.

En dat laatste is vreemd. Dat je je bijna schaamde als je een ander merk in huis had. Zo sterk was de band met het merk. Zo sterk was de trots. Ik was trots om op de culturele dag op school een tv-toestel van Philips te demonstreren dat een ingebouwde teletekstprinter had, ik was trots dat Philips de cd had uitgevonden en trots dat op mijn Kraftwerk-lp het Philipslogo prijkte. Trots toonde ik ook later mijn PSV-shirt met daarop de zeven letters van de gloeilampenfabriek uit het zuiden des lands. Trots vertelde ik ook over dat bedrijf aan wie het ook maar horen wilde.

Ik had zelfs een Philipswalkman wat uitermate niet stoer was! Het was niet alleen trots maar ook kwaliteit dat mij aantrok. En diepe verbondenheid.

Toen ik dan ook in het begin van deze eeuw ergens mijn eerste iPod kocht en niet koos voor de Philipsvariant deed dat nog pijn. Maar het design, de kwaliteit en de vooruitstrevendheid lieten mij voor Apple kiezen. Toen ik echter jaren later mijn kantoor op Strijp-S inrichtte, stond er op mijn presentatie-tv nog steeds Philips. Iets anders was vier jaar geleden nog ondenkbaar. Veel op de oude fabrieksterreinen doet ook nog denken aan de tijden van weleer. Het ademt nog een beetje Philips.

En toen zag ik opeens dit jaar op Twitter de mededeling voorbijkomen dat Philips stopte als hoofdsponsor van mijn club. Een andere naam op het mooie shirt. En dat deed me……Niets!

Niets als in niets. Een soort van zakelijke mededeling. We stoppen met de een en er zal wel een ander komen. Prima. Over tot de orde van de dag.

Maar zo simpel ligt het niet. Ik probeer er al maanden achter te komen waarom het me niets doet. Maar ook waarom ik nooit meer in de personeelswinkel kom, laat staan een Philipsproduct koop. Waarom ik bij onze nieuwe keuken niet aanstuurde op Whirlpoolapparatuur (ja zo erg is het, dat is de koper van het oude Philipswitgoed, heeft al jaren niets meer met Philips van doen). Het enige Philipsproduct dat ik de afgelopen vier jaar kocht was een oude retro-platenspeler. Die gaf me ook dat oude gevoel weer terug. Philips is dus blijkbaar iets van het verleden. Het merk heeft voor mij zijn glans verloren. Het bedrijf wordt ook in rap tempo ontmanteld.

Ik associeer het niet meer met trots, niet meer met Nederland, niet meer met Eindhoven, niet met iets dat van ‘mij’ is. Het is ‘een merk’ geworden. Inwisselbaar. En ergens wringt dat. Ergens steekt dat en doet dat pijn. Alsof ik dat niet mag zeggen. Alsof wijlen mijn vader zijn vinger opheft. Alsof dat als Eindhovenaar een doodzonde is. Alsof mijn respect voor dit bedrijf er minder om is.

Als er volgend jaar ‘Huawei’ op het PSV-shirt zou staan dan zou ik dat prima vinden. Philips gaf licht en gaf energie maar het is geen Kraftwerk meer. Ik constateer dat dan maar en draai vanavond nog maar eens de Kraftwerk-lp op mijn Philips 900-serie. Andere tijden. Terug naar de onze.