Bauhaus Dessau

BAUHAUS Je zult als student maar les krijgen van Klee, Kandinsky, Moholy-Nagy of Gropius. In de jaren twintig kon dat bij Bauhaus in Dessau. Een bezoek aan dit UNESCO werelderfgoed stond al heel lang op mijn lijstje. Vandaag toog ik dan eindelijk naar Dessau om het woonwerkgebouw van Gropius met eigen ogen te zien. Ik was vooral ook benieuwd naar de Meisterhäuser. Om 8:07 weg uit Berlijn om maar net op tijd te zijn voor de rondleiding van 11:00 (werkzaamheden, normaal kost het je een dikke twee uur). Ik ben fan van Bauhaus. Prachtige strakke lijnen. Veel wit en grijs en zo modernistisch als de neten. Ik hou daar zo van! Toen revolutionair en nu tijdloos mooi. Studenten woonden in het complex. De school was daar ook en de werkplaats was het hart van het gebouw. En Gropius zelf had een evenzo stijlvol kantoor. Alles zoveel mogelijk open zodat je kon zien wat er gemaakt werd. Ruimte om te experimenteren met materialen. Wat moet je je als student heerlijk hebben gevoeld hier. Beïnvloed door De Stijl en Mondriaan schiep Gropius hier iets wat zijn tijd ver vooruit was. Strak. Functioneel en vooral ook industrieel. Eenvoud en stijl gaan prima samen. Oordeel zelf maar hoe gaaf! Bauhaus Dessau Bauhaus Dessau Bauhaus Dessau Bauhaus Dessau   MEISTERHÄUSER Even verderop in de straat staan de vier woningen van de directie en leraren. De directeuren Gropius, toen Meyer en daarna Mies van der Rohe woonden in de eerste villa (met garage!). De andere villa’s waren tweekappers die door vooraanstaande leraren werden bezet. Ze moesten toen bijna de helft van hun salaris betalen aan huur maar ik zou dat zo ook doen. Wat een gave huizen! De villa van Gropius is in WO2 bijna in zijn gehele platgebombardeerd. Alleen...

Hoera! Vijf jaar DOK040!...

              Het lustrum van DOK040 Op de dag af vijf jaar geleden startte ik met DOK040, online strategie en advies, marketing en communicatie. Ik gaf destijds al veel workshops en presentaties maar deed dat ‘erbij’ maar vond het zo leuk dat ik dat wel ‘voor mezelf’ wilde doen. En dat was een grote misvatting. Want ik doe het zeker niet alleen voor mezelf maar voor al die mooie en fijne opdrachtgevers die ik gehad heb en vooruit heb kunnen helpen in de online jungle. Omdat ik niemand tekort wil doen hier een fijn overzicht: http://dok040.nl/wat-deed-ik Het waren vijf fijne jaren in vrijheid. Ik werkte overal. En vooral ook in mijn fijne kantoortje op Strijp-S. Niet alleen mijn opdrachtgevers maar iedereen in mijn omgeving zeer bedankt! En nu weer vooruit kijken. De foto werd genomen in Doel. Waar de tijd lijkt te hebben stilgestaan. Juist daar bedacht ik nieuwe doelen. Nieuwe horizonten. Op naar de 10! Samen met...

Tips Dutch Design Week 2016 ( DDW ) in gewoon Nederlands...

Als fan van het eerste uur, vrijwilliger, blogger, adviseur en liefhebber van de DDW (Dutch Design Week) wordt mij elk jaar gevraagd om tips. Sinds een aantal jaren schrijf ik zo snel mogelijk na de eerste dag een blog met wat tips en highlights. Ik fiets dan de hele dag als een dolle door de stad maar dat is met de DDW-vibe alsof je op wolken rijdt. En dus maak ik ook graag in 2016 deze blog. Deze blog wordt de hele week nog aangevuld.   Wat moet ik zien als ik…. …DDW maagd ben: Kazerne, VDMA, Graduation, Veemgebouw, Klokgebouw, Piet Hein Eek (in die volgorde, op de fiets 😉 ) …van een fijne ongedwongen sfeer hou: Sectie-C, NRE-terrein, TAC, Ketelhuisplein, Hallenweg. …van conceptueel hou: Dutch Invertuals, Modebelofte, Kiki & Joost (dat is nog veel meer maar het moest ergens onder vallen 😉 )  en een beetje Manifestations …met kinderen vanaf 7 ben:  Ontdekfabriek, verdieping 7 Veemgebouw, schommelen op Ketelhuisplein en ik denk dat ze Maarten Baas ook leuk vinden! Sectie-C Nog steeds mijn absolute favoriete locatie. Ook al betaal je per dag 2 Euro extra (weektarief 5 Euro). Hier loop je nog tussen de machines en laptops die mooie dingen maken. En dat doen die apparaten niet zonder mensen. De (jonge) designers en artiesten tonen hun ateliers en producten op een niet pretentieuze manier. De sfeer op Sectie-C is altijd goed. Genoeg horeca, (Claire kookt heerlijk) veel fijne vuurtjes en een chille sfeer. Loop er gewoon rond, duik links en rechts een atelier in, bekijk in de grote ruimtes de gezamenlijke initiatieven en ga daarna buiten zitten met een hapje en een drankje. Sla vooral in het tweede grote gebouw rechts de Nacho Carbonell expositie niet over. Hij heeft verderop zijn atelier. Ik was bij Juul. Een Utrechtste ontwerpster...

Een uiltje knappen…...

Deze week verscheen mijn column in het eerste nummer van de Strijp-S koerier. In mijn kantoor op de zevende etage van de Apparatenfabriek ligt een grote grijze zitzak. Ik knap daar wel eens een uiltje. Even tussen de middag een powernap. Maar nooit zonder een klein schuldgevoel. Mijn vader werkte ruim veertig jaar voor de NV en knapte nooit uiltjes op Strijp-S. Ik denk dat hij van een afstand niet eens veel verschil zou zien. De gebouwen staan er grotendeels nog en de klok op het Klok-gebouw tikt nog steeds de minuten rond. Dichterbij gekomen zou hij zich verbazen over de transitie. Over de horeca, de andere bedrijvigheid en vast ook over de loze leidingen boven zijn hoofd. Want wat heb je daar nu weer aan? Ik zou een arm om hem heen slaan (het is immers best bijzonder dat hij weer terug is) en we zouden denk ik samen op een bankje in de zon gaan zitten. Op de Torenallee. Ik zou hem laten vertellen over zijn werkzame leven bij Philips. Hoe dat ging toen. En tegelijkertijd zou ik vertellen over het nieuwe werken. Dat ík nu ook op Strijp-S werk. Maar niet voor die gloeilampenfabriek. Dat heel veel jonge en oude mensen heel veel verschillende gave dingen doen hier. Dat er geen prikklokken meer zijn. Dat je je bammetjes niet hoeft mee te nemen. Er überhaupt geen officiële pauze is. Dat je hier kunt sporten en naar de film kunt. En dat je zomaar, als je wilt, een uiltje kunt knappen. En dan hoor ik hem gewoon zeggen: ‘Wa un gekkigheid, uiltjes knappen doede moar in oew eige tijd.’ En precies dát is het. Mijn eigen tijd. 2016 op Strijp-S en ik geniet er met volle teugen van.  ...

Unesco werelderfgoed in Berlijn Apr30

Unesco werelderfgoed in Berlijn...

  Op de Unesco werelderfgoedlijst staan in Duitsland 37 cultuur- of natuurmonumenten die voor het wereldnageslacht behouden moeten blijven. In Nederland staan tien monumenten op die lijst. Waaronder de Amsterdamse grachtengordel en de Van Nellefabriek in Rotterdam. In Berlijn vermeldt de lijst naast de Museuminsel en de sloten (kastelen) en tuinen rondom Slot Sanssouci nog zes ‘Wohnsiedlungen’ van de modernen. Gisteren bezocht ik er vijf op één dag (eentje zag ik al eerder). De zes door de UNESCO uitgekozen woonwijken in Berlijn ontstonden tussen 1913 en 1934. Architecten van het klassieke modernisme, met name Bruno Taut, Hans Scharoun en Walter Gropius gaven op het hun eigen architectonisch niveau reactie op de woningnood na de Eerste Wereldoorlog. Ze maakten moderne, betaalbare woningen met een keuken, badkamer en vaak een balkon in huizen met licht, lucht en zon. In tegenstelling dus tot de vele ‘Mietskasernen’ die in die jaren uit de grond werden gestampt met vaak donkere achtertuinen en zijvleugels.  De hoogwaardige architectuur, de aparte bouwwijze, het werken met kleuren en de plattegronden waren een voorbeeld voor vele architecten in de 20e eeuw. 1.  Gartenstadt Falkenberg; Tuschkastensiedlung Dit is de oudste wijk van de zes en ontworpen door Bruno Taut. Zijn motto: ‘Farbe ist Lebensfreude’ komt in deze ‘verfdooswijk’ goed tot uiting. Het is een kleine fijne wijk net achter het S-Bahn station Grünau. Als je er, zoals ik, op een zonnige dag doorheen wandelt waan je je in een dorp maar dan wel een dorp waarvan je een glimlach op je gezicht krijgt. Waar in Berlijn: S-Bahn Grünau achteruitgang en borden volgen (500 meter lopen)   2. Britz: Hufeisensiedlung Bruno Taut tekende voor het bijzondere ontwerp. Taut was deel van de beweging ‘des Neunen Bauens’ die zoals gezegd met nieuwe efficiënte  methoden en inzichten bouwden. ‘Hufeisen’ betekent hoefijzer...